Dicky Heuckeroth heeft ‘Beet!!’

Ja ja, 2020 is begonnen en er is heel wat negatiefs aan de hand in de wereld. Maar laten we het jaar goed beginnen met gewoon als kick-off, een grappige column over: vissen! Die andere column komt nog wel!

Laatst was ik wat aan het zappen en opeens zag ik (VIS TV) met die kerel die niet netjes kan eten en het constant over ‘goeie vis’ heeft. Ik moest toen plotseling denken aan een heel mooi moment dat ik heb meegemaakt aan de waterkant.

Ik ging ook eens vissen met een maatje van mij. We zaten al een poosje wat te mieteren met maden, brood, pieren en gewoon niks vangen totdat hij zei „ik moet naar de wc, poepen.” „Nou, doe dat dan! Ik zie de Autotrader in je tas, mooi papier voor gladde billen! Ga de bossen in, joh!”

Maar hij zegt zo netjes als ie is… „Ja, daag, dat doe ik niet!” „Maar naar huis duurt ook te lang, dat haal je nooit.” Dat had hij ook wel door en hij dook toch maar de struiken in. Na een minuut of wat hoorde ik gescheur van het autoblad en dacht, zo hij is klaar. Met een big smile kwam ie opgelucht terug.

We besloten te snoeken en om een lang verhaal kort te maken, kreeg die sukkel op een of andere manier die dikke blinkerhaak in zijn duim. We kregen hem er niet uit en belandden op de eerste hulp. Toen we daar aankwamen, werd er natuurlijk flink gelachen. „Zo, jij hebt een beste vangst.” Echt, mij kon je bij elkaar vegen, mijn maat werd steeds witter en witter. Er zat geen kleur meer in zijn gezicht.

„Zo”, zegt de verpleegster, „eerst een verdoving, haal ik de haak eruit en dan de tetanusprik, ben er zo weer.” Hij keek mij aan. „Tetanus, die moet toch in je bil? En ik heb net in de bosjes gezeten en met dat gladde papier de boel schoongemaakt. dat ziet er niet zo fraai uit denk ik.” Daar waren de zweetparels op zijn voorhoofd en de verpleegster met de verdoving. De haak was er zo uit. „Zo, nu de tetanusprik, stroop de mouwen maar op.”

„Nee”, schreeuw ik, „hij wil hem graag in de billen.” „Nee, nee, nee hoor, doe maar in mijn arm”, riep hij. Ik zat de boel een beetje op te naaien. „Nee hoor, in de arm”, zei de verpleegster. Hoppa, die prik zat er zo in… klaar!

Ik liep lachend naar de auto en hij met een kloppende vinger. „Ik ben wel blij hoor Dicky, dat die spuit in mijn arm kwam. Ik heb namelijk een witte onderbroek aan en wij gaan nooit meer vissen!”

Dicky Heuckeroth schrijft maandelijks een column in de Staphorster.