Het jaar van Dicky Heuckeroth begon meteen goed

Ik ben niet zo’n fan van autorijden, zullen vast meer last van hebben, vind er gewoon niks aan. Ik rij ook nooit binnen de lijntjes en slinger als een gek. Dat komt omdat ik heel veel dingen zie! Zit te veel om mij heen te kijken, zie een roofvogel op een paal, de reetjes in de wei en als ik niet te hard rij, kan ik zo zeggen hoeveel schapen er in het land staan. Veel mensen denken dat anderen niet zien wat men in de auto doet. Ouders die boos zijn op hun kinderen omdat ze lopen te zeuren. Pa geeft even een hengst naar achteren en slingert vervolgens van links naar rechts. Even appen achter het stuur. Of een kerel die even een overheerlijke natte zoen krijgt van zijn vriendin.

Ik zie dat allemaal. Leuk joh! Behalve toen ik pas bij het stoplicht stond, ging ik bijna over mijn nek. Er stond een jongen naast mij die zo ongelofelijk diep in zijn neus aan het graven was, ik bleef kijken en zag dat dikke groene glibberige stuk op zijn vinger en dacht… neeeeee, hij doet het toch niet. Maar hij deed het wel, stopte de vinger in zijn mond! Aaahhh, bah bah bah, dacht ik.

Met kokhalzende neigingen klopte ik hard op mijn raam. Hij keek naar mij al kauwend en ik maakte zo’n beweging met mijn hand naast mijn hoofd van ‘mmmm lekker hè’! Hij verschoot van kleur en keek opeens recht voor zich uit. Hij dacht vast: spring op groen, spring op groen. Dat gebeurde en hij scheurde weg. Smerig vies hè? Bij deze, iedereen is gewaarschuwd, als je alleen in de auto zit, zing lekker vals mee, eet een zak snoep of je boterham, drink je koffie. Dat alles mag, maar bij een stoplicht wordt altijd naar binnen gekeken. Ik heb dat beeld nog heel lang op mijn netvlies gehad en dit mag gewoon niemand meemaken. Dus voor je in de auto stapt, regel zakdoekjes of maak je neus leeg!

Dicky Heukeroth verzorgt eens in de twee weken een column in de Staphorster.